Hoofdrekenen?

“Zij die nog kunnen hoofdrekenen, gaan de wereld veroveren”, is een gevleugelde uitspraak van een oude – in de zin van ‘vroegere’ – vriend. Indertijd dacht ik dat hoofdrekenen meer iets was voor kruideniers of kleurenwiezers maar zelf komt het snel in gedachten rekenen goed van pas om bij benadering te weten hoeveel eigenlijk iets kost op bijvoorbeeld eBay waar het dikwijls goedkoper is in dollars of ponden en natuurlijk ook bij het eeuwige, vervelende gepingel op reis in verre landen.

Vorige week begon ik toch danig te twijfelen aan het nut van al dat hersengejongleer. Al jaren heb ik veel plezier van een mechanische schuifpasser die zo een 20 jaar geleden rond de 20 € kostte en toen voor heel gesofisticeerd doorging wegens het gebruikte koolstofmateriaal. Met één klap maakt een discountketen hier te lande nu een eind aan het gebruik van een ondertussen lang gekoesterd meetapparaat. Voor minder dan de helft van de aankoopprijs van toen – iemand wil misschien eens uit het hoofd berekenen hoeveel 800 oude Belgische franken van 1990 nu waard zijn – ligt er een digitale schuifpasser op het rek met een vijfmaal hogere nauwkeurigheid en waar het helemaal niet meer nodig is op te turen om vervolgens met enig gokken te achterhalen hoe breed, lang of diep iets zou kunnen zijn.

Toch: een oude Vernier- of schuifpasser heeft een zeker fingerspitzengefühl nodig en dat, samen met het interpreteren van de af te lezen meetgegevens en het precies aanbrengen van de juiste kracht op het te meten voorwerp, maakt dat niet alleen hoofdrekenen maar ook oog-handcoördinatie (zeg maar ‘handigheid’) nog altijd profiteren van een ondertussen verouderde schuifmaat.

schuifpassers van vroeger en nu

schuifpassers van vroeger (1990 Makro) en nu (2012 Aldi)

Solarimpulse

Daarstraks kon ik het even niet laten naar Brussel te sjezen om het elektrisch vliegtuig [Solarimpulse] dat zoveel in het nieuws kwam, te gaan bekijken. Spijtig dat de verlichting paarsblauw en geel was maar de foto’s geven een idee.

Naar een nieuwe telefoonetiquette?

Mijn significante andere heeft een gsm van het werk en dat maakt dat ik nogal eens het welbekende trucje gebruik om haar telefoon één keer te laten rinkelen. Zo krijgt ze een sein teneinde terug te bellen. Dat lukt wonderwel en heeft bovendien het voordeel dat ze kan bellen wanneer ze er de tijd voor heeft.

Tot laatst mijn eigen telefoon een enkele piep liet horen. Ik sloeg er geen acht op. Hoogstwaarschijnlijk verkeerd verbonden of een ‘glitch’ in het systeem totdat – jawel – er weer een belletje klonk. Nu ben ik nieuwsgierig van aard en zocht het nummer even op. De geheimzinnige signalen kwamen van een bedrijfje hier ergens in de buurt. Op dat eigenste moment gaf mijn gsm een derde keer een tuut.

Het begon me stilaan te dagen: een wildvreemde probeerde me ertoe aan te zetten hem of haar te bellen zodat de kosten voor mijn rekening zouden zijn. Wat bleek: ik had een paar tweedehandsspulletjes op een veilingsite staan en ze liet me zelf bellen met de smoes me niet onverwacht hoeven te storen. Ik kon er niet mee lachen en waar ik normaal een flinke korting geef wanneer iemand zelf komt afhalen, betaalde ze de volle pot.

Een week later overkwam me precies hetzelfde maar dit keer gaf ik geen krimp. De potentiële koper moest zelf maar bellen wat ie na een paar pogingen inderdaad deed. Ook hier betaalde het bijzonder onsympathiek heerschap meer dan gewoonlijk en een vriendelijk woord mijnentwege kon er echt niet vanaf. De would-be beller weze gewaarschuwd: misplaatste zuinigheid kan een mens zuur opbreken.

Zou er echt een nieuwe telefoonetiquette in aantocht zijn waar dit soort grapjes mag? Graag commentaar!

Bang & Olufsen from Denmark 1986

Bang & Olufsen from Denmark 1986

The Berkshire Eagle

Regelmatig ben ik op zoek naar koopjes op het internet. Eén van mijn favoriete plekken is de Berkshire Record Outlet. Ze verkopen eindereeks- en overstockcd’s voor een prikje en wanneer je er niet te veel ineens bestelt, komen ze zonder problemen door de douane. Samen met de lage dollarkoers scheelt dat een aanzienlijke slok op de borrel.

Nu is er iets heel sympathiek aan hun manier van pakjes verzenden. Joseph Eckstein – zo heet de eigenaar – is blijkbaar een milieubewust man want hij gebruikt altijd de plaatselijke krant als bescherming van de cd-doosjes en zo komt het dat ik regelmatig stukken van ‘The Berkshire Eagle’ te lezen krijg.

Het formaat van de krant is uitzonderlijk: 58 op 28 cm. Stel u daarbij een langwerpige, smalle bladspiegel voor met bovenaan een prachtig logo met de arend erop:

The Berkshire Eagle

kop van The Berkshire Eagle - klik voor groter

Niet alleen het uiterlijk is de moeite. De sportsectie, opiniestukken en advertenties bijvoorbeeld tonen duidelijk hoe zelfs een plaatselijke krant universeel en zeer herkenbaar nieuws brengt. Zo ontdekte ik een artikel over een Belgisch chirurg (Pierre Delaere) die op een heel bijzondere manier een mevrouw van een nieuwe luchtpijp voorzag. Maar leest u het sciencefictionachtig verhaal zelf (klik voor leesbaar formaat):

fantastisch verhaal uit The Berkshire Eagle

merkwaardig artikel uit The Berkshire Eagle - heel leesbaar na de klik