‘Modern reizen’ Parma en Parijs

kaas van 33 maanden oud

Parmakaas > 33 maanden oud

Cultuur- en budgetreizigers, plantrekkers en individualisten, techneuten en cyberfreaks kunnen tegenwoordig op een heel andere manier reizen dan pakweg dertig jaar geleden. Het internet is alom tegenwoordig, vliegtuig- en treintickets zijn voor iedereen betaalbaar en zowat alle Europese steden zijn zonder hindernissen met elkaar verbonden met brede en goed onderhouden autostrades of hoge snelheidstreinen. Een combinatie van al die infrastructuur en eigen hi-techmateriaal (zie onderaan bij ‘benodigdheden’) maken een nieuwe manier van reizen mogelijk. Twee voorbeelden: Parma (hesp, kaas en opera) en Parijs (musea, fotografie, bibliotheken en kerkhoven).

De laatste keer dat we in Italië waren, was het voor een ballonvaart over de ‘creti’ in Toscane om de vijftigste verjaardag te vieren van mijn SA (Significante Andere). De Italianen waren toen nog hun gewone zelve: luidruchtig, arrogant en altijd bereid om te sjoemelen om maar te zwijgen van hun moorddadig rijgedrag. Nu ja, een zeker dedain voor de rest van de wereld mag wel, tenslotte hebben ze de Renaissance en de pasta uitgevonden.

Toch lijkt het erop dat de financiële crisis zowat de helft van de bevolking anders heeft doen denken. Vriendelijke obers, behulpzame museumsuppoosten, automobilisten die voorrang geven aan fietsers wisselen elkaar nu af met norse verkopers, een kaartjesknipper die prompt vijf euro ‘boete’ in zijn zak steekt en frenetieke meth-heads die met verschrikkelijk luide ‘muziek’ rustig zitten op een pleintje onmogelijk maken. Het is altijd wat.

Parma ligt op 11 uur rijden van hier volgens de GPS maar het duurde tot halverwege de terugreis eer het ons daagde dat de berekende route helemaal fout was. Tip voor routeplanning: gebruik een routeprogramma op een PC en noteer de route op een blad papier! Google Earth of Maps (OSX) stellen verschillende routes voor terwijl een GPS in de auto er maar één kent en volgt. Nu in zowat elke auto de GPS (en niet de SA) het voor het zeggen heeft, volgt een horde toeristen dezelfde weg. Naar Noord-Italië rijden is het mooist en snelst via Metz, Nancy, Basel, Luzern en Milaan en niet via Saarbrücken of Straatsburg zoals elke GPS aanwijst.

toegang parking Parma

toegang parking Parma

Parma is een overzichtelijk stadje doormidden gesneden door een rivier met langs de rechteroever het station, de opera, markt en winkelstraten, scholen en musea. Aan de andere kant een mooi open park, plaatselijke winkels en verderop buitenwijken en het kerkhof.

Romeo e Jullietta is een door Ibis gerund automatisch hotel. Tip: boek rechtstreeks bij de receptie via telefoon of e-mail want hotels tellen steevast hun commissie voor booking.com erbij. Parma heeft betaalbare restaurants op overschot: de Trattoria del Tribunale en de Gallo d’Oro scoorden het hoogst. De beste restaurants zitten als naar gewoonte verstopt in de zijstraatjes van de voornaamste toeristische ader. Een GPS maakt het zoeken in de soms goed verborgen steegjes een pak gemakkelijker.

parmaoperabinnen

Parma opera

De opera van Parma is een heerlijk klassieke bonbondoos en draait even klassieke uitvoeringen naar buiten. Het is makkelijk nog een plaatsje te vinden op de avond van de vertoning. Het publiek is veeleisend en meer dan één doekje voor een deftige uitvoering zit er niet in. Doe wel uw schoon kostuum aan.

De Pontormo en Rosso Fiorentino tentoonstelling in Firenze is de verplaatsing vanuit Parma waard. Het Palazzo Strozzi bouwde een overzichtelijke, niet te grote collectie met adembenemend werk van de twee maniëristen op. Niet in woorden te beschrijven, ook niet via de audio-guide die eigenlijk niet veel meer vertelt dan wat er op de bordjes naast de werken staat. Een paar highlights: ‘The Marriage of the Virgin’ (Rosso, 1523) met een piepjonge Jozef, muzikanten, afgewezen minnaars en geheimzinnige, naakte figuren en ‘The Death of Cleopatra’ (Rosso, 1525-27). En dan is er nog het meer dan twee meter hoge ‘Visitation’ van Pontormo (1528-9), het pronkstuk van de tentoonstelling. Zelf nam ik mijn virtuele hoed af bij twee eerste drukken van Vasari’s ‘Vite’, mooi opengeslagen op de levensbeschrijvingen van de twee kunstenaars met een opvallend zorgelijk kijkende Pontormo. Tapijten en schetsen maken de zaak volledig. Tip: koop de catalogus online, dat is goedkoper en bespaart Schlepperei.

Firenze zelf is te mijden, zelfs in het laagseizoen is het een overdrukke stad, oude-stijl Italiaans en bijwijlen gevaarlijk op de smalle trottoirs.

Een laatste ontbijt in Feltrinelli’s boekhandel (Strada Farini) en een kort maar zeer ontspannend bezoek aan de Orto Botanico om de hoek van de Romeo e Jullietta, maakte ons bezoekje helemaal af.

Benodigdheden (niet in volgorde):
– auto, vliegtuig of trein
– vouwfietsje voor ultrasnelle verplaatsing
– GPS voor voetgangers/fietsers
– een fietsvriendelijke stad
– internettoegang ter plekke

Volgende keer: Paris, Antwerpen en Amsterdam met blogs over diverse fotografietentoonstellingen (Henri Cartier-Bresson, Martin Parr, Broomberg & Chanarin, Jeff Wall)

Monumentendag: de atelierflat van Jozef Peeters met link naar schoonmoeder

Gisteren trok ik eens naar Antwerpen waar stilaan een paranoïed sfeertje begint te hangen na recente ‘beperkende maatregelen’ tegen cannabisgebruikers door een burgemeester die zijn bekendheid voornamelijk te danken heeft aan een bijzonder populair spelprogramma en een spectaculaire vermageringskuur.

In het vierkamerappartement van Jozef Peeters leefden 4 mensen: hijzelf en zijn – later erg zieke – vrouw en hun twee kinderen. Het hele appartement is een constructivistisch kunstwerk waarbij de muren, meubelen en huisgerief heel precieze en aangepaste vormen en kleuren hebben. Aan de muren hangt eigen werk en dat van anderen (Seuphor, Delahaut). Ze versterken nog eens de abstracte ambiance. Een uitstekende uitleg en artikel met meer details over hoe de atelierflat van Jozef Peeters zelf te bezoeken, is te vinden bij het KMSKA (Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen).

Een leuke anecdote achteraf: toen mijn significante andere, die op hetzelfde moment haar bijna 100-jarige moeder bezocht, van Jozef Peeters vertelde, riep die uit: “Ah, de Jos Peeters, da’s familie van mij”. Ze herinnert zich nog een kunstenaar en het hoekappartement. Merkwaardig toch dat Jozef Peeters een neef van de moeder van mijn schoonmoeder was.

Downloadbare beelden (hoge resolutie):

Il barbiere di Siviglia: Rossini par excellence

Lang geleden dat we zo gelachen hebben! Rossini’s ‘Il Barbiere di Siviglia‘ (1816) is alom bekend en daarom kijken rechtgeaarde operaliefhebbers er misschien wat op neer. Zelf twijfelden we even wegens ontieglijk laat op het seizoen en het prachtige weer.

Om het maar meteen duidelijk te maken: probeer een ticket te pakken te krijgen! ‘De Barbier van Sevilla‘ draait nog zeker tot eind 2013 in Aken.

De opera is in scène gezet als een Spaanse ‘Telenovela‘, een soort ‘Thuis’ maar dan eindig (maximum 120 episodes). Het genre is wereldwijd zo populair dat het sociale gebeurtenissen kan veroorzaken door de (soms verborgen) socio-culturele boodschappen in de verhaallijn.

‘Blue key’ toneelknechten, live playback, een zenuwachtige regisseur die omhooggevallen acteurs moet paaien en mislukte opnames pareert, bloopers, geniale vondsten inclusief een adembenemend decor – vooral in de tweede akte – en een perfect gedoseerd koor en orkest, houden de aandacht voortdurend gaande. De grappen duren net lang genoeg om niet te vervelen en spelen zich dikwijls tegelijkertijd af.

Minutenlang applaus van een dolenthousiast publiek en vier keer een open doek. Lachen en (net niet) gieren en brullen – beschaafd en subtiel amusement, dat wel.

Foto’s uit de programmabrochure:

Photokina 2012: veel nieuws en weinig nieuws …

De tweejaarlijkse Photokina-hoogmis van de fotografie was ook dit jaar weer verplichte kost voor heel wat professionele en liefhebbers-fotografen.

Een paar observaties: van het analoge tijdperk blijft nu zo goed als niets over. Agfa is compleet verdwenen en Kodak is gereduceerd tot een paar pathetische standjes met wat pellicule (lichtgevoelige plastieken film op een rolletje) en automatische fotoprinters voor grootwarenhuizen.

In zekere zin houdt de jeugdige overmoed van de lomografen de restanten van de oude fotografiereus nog recht. Het Lomo-fototoestelletje is het enige toestel ter wereld – op een paar verdwaalde Leica’s na – dat nog ouderwetse film gebruikt. Het Lomo-fabriekje dat voor de gelegenheid was ingericht, toont – ontroerend eenvoudig – het gigantisch succes van het simpele en van oorsprong Russische, plastieken dingetje.

Het soort van tegendraadse guerrilla-tactiek van Lomo werkte blijkbaar aanstekelijk op de uitvinders van de Lytro. Die smokkelden zonder veel ruchtbaarheid een 20-tal toestelletjes de Kölnmesse binnen. Ze hadden zich strategisch in een donker hoekje vlakbij de reusachtige standen van Sony opgesteld. Het effect was dat er plots overal geheimzinnige vierkante buisjes verschenen tussen het dominant fotografisch geweld van Sony. De Lytro is een innovatief, relatief goedkoop fototoestelletje dat in staat is – na het nemen van de foto! – vrijelijk het punt te kiezen waar de foto scherp moet zijn.

Buiten de allesoverheersende, koele zakelijkheid van het hele gebeuren, waren er wel een paar kleine accentverschuivingen: er is eindelijk een grotere keuze aan kwaliteitsfotopapier (MOAB, Hahnemühle, Canson, Epson …). Epson is heer-en-meester met afdrukken van fabuleuze grootte én kwaliteit. Er duiken ook meer en meer bedrijven op die afdrukken produceren, ook voor de doordeweekse fotograaf.

De Chinezen waren met minder volk dit jaar maar ze troepten niet meer samen in hun veel te kleine standjes van vroeger. Nu stonden ze met hun vriendelijke lach tussen de Europese standhouders.

Nog een trend: de ‘full frame’ camera’s zijn in volle opmars. Dat betekent dat iedereen die haar of zijn lenzen van vroeger heeft bijgehouden, ze nu eindelijk gaat kunnen gebruiken op het formaat waar ze voor bedoeld zijn: 36×24 mm. Langs de andere kant verschijnen er alsmaar meer piepkleine toestellen met een bijna evenwaardige kwaliteit als DSLR’s. Een mooi voorbeeld is Sony’s RX100 waarmee de foto’s hieronder gemaakt zijn.

U wou nog even naar dOCUMENTA 13 in Kassel?

‘t Was Jan Hoet die in 1992 veel Belgisch volk de weg wees naar het 5-jaarlijks kunstspektakel in Kassel (Duitsland). Hoet trok de hele zaak letterlijk open met kunst in het stadspark en in andere locaties dan het Fridericianum en de Neue Galerie. We kwamen hem toen tegen, grommelend op zijn Duitse waakhond-boekhouder. Ook was er iemand die ‘Jan, nimm deinen Hut!’ (Jan, bol het af!) op de gevel van het Fridericianum geverfd had. Achteraf bleek dat DOCUMENTA IX alle records had gebroken. In 2009 kreeg Hoet een Bundesverdienstkreuz I. Klasse …

Twintig jaar later zet dOCUMENTA alweer de standaard voor hedendaagse kunst en trekken citytrippers en nieuwsgierige kunstliefhebbers naar Kassel. Het is telkens de curator-van-dienst die de toon zet en waar Hoet vol optimisme de hele wereld afreisde om al dat moois aan zoveel mogelijk mensen te laten zien, pakt Carolyn Christov-Bakargiev het enigszins anders aan: veel engagement tegen armoede, een pleidooi voor vrede, vrouwenrechten en een propere natuur en meer en duidelijker onderzoek naar wat de nazi’s uitspookten. Langs de ene kant opent dat perspectieven op inzicht en overdenking maar anderzijds is de verbeelding (en soms zelfs schoonheid) af en toe verdwenen.

Tips:

  • Gustav Metzger’s werk in de documenta-Halle zit onder talloze gordijntjes. Hef ze met zijn tweeën op om het overzicht te bewaren.
  • In de Orangerie – eenmaal binnen, aan de rechterkant – moet je niet aanschuiven voor een kastje voor rugzak of grote handtas.
  • Een paar 100 meter wandelen langs de Fulda – vertrekkend rechts achter de Orangerie – staat, onderaan een voetgangersbrug, een authentieke Italiaanse espressobar. Bovendien is het eten daar een stuk goedkoper en lekkerder (open vanaf 17 uur).
  • Ga te voet in 5 minuten van het station langs de trappen naar beneden, de gratis bus doet er meer dan 20 minuten over.
  • Neem een fiets mee of huur er een voor het bezoek aan de Karlsaue.
  • Fotograferen zonder flits of statief is overal toegelaten (hoera!).
  • Reserveer een hotel in één van de dorpen rond Kassel (Kaufungen bijvoorbeeld). Tel op drie dagen om alles te zien.
  • Kassel is 4 uur rijden met de auto over de Autobahn: E314 – A2 – A52 – A44. Parking is 3 € per dag achter het Hauptbahnhof.

Niet te missen: het Hauptbahnhof en vooral het kleine gebouwtje achter het station (Nordflügel, 55) zijn absoluut een bezoek waard. Ook een must is de film van Clemens von Wedemeyer (184). Op de Karlsaue is Shinro Ohtake (127) en de ‘sound sculpture’ van Janet Cardiff & George Bures Miller (37) zeer de moeite, maar laat u door die laatste niet al te zeer meeslepen.

En hier een kleine, persoonlijke selectie (de cijfers zijn die van het groene overzichtsfoldertje):

TRACK niet helemaal op het spoor …

Met veel poeha kondigt Gent een – over de hele stad verspreide – kunstmanifestatie aan: TRACK. Fluks de gloednieuwe vouwfietsjes in de koffer gestoken en gezwind naar Gent en wel naar het SMAK (Citadelpark) dat voor de gelegenheid TRACK heet, kwestie het belang van de hele onderneming duidelijk te maken.

TRACK begint onder een ongelukkig gesternte. Het pronkstuk van de tentoonstelling – een fantastisch geconstrueerde heliumballon – heeft het begeven, een locatie is wegens onveilig gesloten, een andere is verplaatst en overal kwamen we ronddwalende kunstmensen tegen, wanhopig zoekend naar al dat verborgen moois. Vriendelijke gelegenheidssuppoosten proberen de ongemakken met de moed der wanhoop op te vangen.

Ik weet niet wat dat is met Gent maar bij een vorig bezoek geraakte onze toenmalige Duitse kwaliteitsauto [M] kapot, overreed een junk voor onze ogen een bejaarde dame en kregen we hopeloos ruzie over ik-weet-niet-wat. Dit keer was het het evenement zelf en het verschrikkelijke verkeer dat ons op de vlucht dreef. Derde keer, goede keer? Het beste moet nog komen.

Tips: druk eerst op de gele knop van de parkeerautomaat, neem een gps mee op de fiets, de TRACK-app werkt enkel met een duur data-abonnement, ga eerst naar de evenementen binnen of koop enkel de programmabrochure (7 €) en bezoek alleen de gratis toegankelijke locaties, draag opvallend gekleurde kleren of een zwaailicht.

Een dagje in Parijs: Miniatures flamandes 1404-1482 in de Bibliothèque nationale de France

Een goedkoop ticket voor de TGV naar Parijs op de kop tikken, is geen sinecure maar na enig doorzetten en gejongleer, spuwde het afschrikwekkend rigide systeem van Thalys.com vier QR-codes uit, goed voor twee personen heen-en-terug voor welgeteld 58 € en zo kwam het dat we om 9 ‘s morgens van Paris Nord richting stadscentrum kuierden. Parijs was al lang wakker ( … Les journaux sont imprimés. Les ouvriers sont déprimés …- Jacques Dutronc 1968). Een paar boekhandels onderweg, Starbucks aan het Centre Pompidou en een wandelingetje over de Seinebruggen, meer moest dat niet zijn.

De Bibliothèque nationale de France (BnF) deed van bij haar oprichting heel wat stof opwaaien. Het gebouw zou ongeschikt zijn om boeken te bewaren, het was te megalomaan – het heeft bijvoorbeeld haar eigen metrostation – en niemand zou het bezoeken. Nu is het een cultuurtempel die net als het Louvre, Centre Pompidou et. al. een bezoek dubbel en dik verdient.

Niet alleen boekenliefhebbers maar ook iet of wat kunstzinnig ingestelde stripadepten, geschiedenisleraars – als die nog bestaan -, illustrators, kalligrafen, middeleeuwse rollenspelers of simpelweg mensen die iets heel speciaal willen zien, haasten zich naar de Bnf – François Mitterand. Laat u verleiden door Filips de Goede, Margareta van York en Karel de Zwijger met hun schitterend gekleurde manuscripten: koningen en koninginnen, liederlijke taferelen, bruut geweld, hemel en hel, het is er allemaal.

Praktische informatie mag volstaan. De afbeeldingen spreken geheel voor zichzelf. Miniatures flamandes, nog tot 10 juni 2012 in de Bibliothèque nationale de France – François Mitterand, tevens de naam van het metrostation op lijn 14 richting Olympiades. Dinsdag tot en met zaterdag van 10 tot 19 uur, zondag van 13 tot 19 uur, inkom 7 €, catalogus 49 € en een gratis app voor iPad of iPod. Ten overvloede misschien: de tentoonstelling is het vervolg op die van verleden jaar in de Koninklijke Bibliotheek in Brussel.

Ondertussen in Düsseldorf, Brussel of NY…

Laatst moesten mijn significante andere en ik in Düsseldorf zijn om een eBay-transactie af te ronden en een bezoekje aan de beroemde Königsallee – plaatselijk bekend als ‘de Kö’- mocht niet ontbreken. Aan de onpare zijde zijn grote banken gevestigd en aan de andere kant rolt het geld van diezelfde banken. Het deed me daar bijwijlen denken aan 5th Avenue in NY, zo sjiek en ‘posh’.

Totdat mijn oog op een rij aanschuivende mensen viel aan de overkant (die van de banken). Een heel curieuze zaak want er viel geen logo te bespeuren aan de gevel en toch stond er een hele meute te dringen. Het volkje aan Abercrombie & Fitch ziet er ongeveer zo uit: wachtende mannen troepen een beetje onwennig bij elkaar totdat hun eega’s annex dochter gillend naar buiten komen met een gevulde – meestal piepkleine – papieren zak en een min of meer lege portemonnee. Maar kijk zelf door op onderstaande te klikken :

Vlaamse vedetten in het Noordbrabants Museum

Het Noordbrabants Museum geeft tot half mei onderdak aan de weinig bekende collectie Vlaamse modernisten van het Groeningemuseum en dat alleen al is een bezoek aan ‘s-Hertogenbosch dubbel en dik waard. James Ensor, Emile Claus, Constant Permeke, Gustave de Smet, René Magritte en andere beroemdheden laten goed zien wat er in de ‘Vlaanders’ gaande was tussen eind vorige vorige eeuw en tot vlak na de twee Wereldoorlogen.

‘s-Hertogenbosch is een niet té grote stad waar het heel plezierig vertoeven is. Een tip voor een gezonde hap is de eetbar ‘dit‘ in de Snellestraat.

Gilbert & George Jack Freak Pictures

Een paar sleutelwoorden die me te binnen schoten bij een bezoek aan Gilbert & George hun Jack Freak Pictures in de Bozar (Bx): kaleidoscoopachtige symmetrie, bijna monochromatisch – emotieloos, cryptisch soms.

Gigantisch grote werken met takken – een verwijzing naar de natuur zoals bij Kiefer? – lijken wel in. De muren van het PSK waren af en toe aan de krappe kant. En hoe de voor de hand liggende referenties ontcijferen? Al bij al geen gemakkelijke tentoonstelling ondanks het ogenschijnlijk olijke duo. De beelden beginnen eigenlijk pas later na te werken.

Ik apprecieerde ten zeerste het absoluut gebrek aan Gilbert & George parafernelia. Er is enkel een catalogus te koop aan een normale prijs (18 €). De druk is van superieure kwaliteit (duotoon).

Nog: Brussel is goed te doen op een zondag. Het is er relatief rustig en gratis parking is makkelijk te vinden.